Leonhard Frank in ons land

Zijn oordeel over de emigrantenlitteratuur
Geen polemiek in den roman

De ook ten onzent bekende Duitsche schrijver Leonhard Frank vertoeft dezer dagen in Nederland, mede in verband met een uniforme editie zijner ‘Gesammelte Werke’, die binnenkort het licht zal zien bij Querido Verlag te Amsterdam.

Van de vele werken van Leonhard Frank, die in 1882 te Würzburg geboren is, zijn in het bizonder bekend geworden ‘Die Ursache’ (1915, later als drama herschreven), ‘Der Mensch ist gut’ (een oorlogsboek), ‘Karl und Anna’ (een novelle, die den invloed van den oorlog op het persoonlijk leven der menschen tot onderwerp heeft; later eveneens in dramatischen vorm omgewerkt, en dikwijls gespeeld, o.a. te Parijs door Gaston Baty en ‘Der Bürger’ (de terugkeer van een jongen man tot de ‘burgerlijkheid’, via het socialisme). Franks boeken zijn in twaalf talen verschenen; verschillende werken van zijn hand bestaan ook in Nederlandsche vertaling.

Toen in 1933 het nationaalsocialisme in Duitschland aan de macht kwam, is Frank (die, om in de terminologie der nieuwe rassenleer te spreken, een ‘Ariër’ is en dus niet gedwongen was om uit te wijken) vrijwillig in ballingschap gegaan. Hij woont tegenwoordig in Zwitserland.

Bij een bezoek aan den Haag heeft Leonhard Frank mij een en ander meegedeeld over zijn standpunt ten opzichte van het complex werken, dat men pleegt samen te vatten onder den weinigzeggenden naam ‘emigrantenlitteratuur’ Er bestaat tegenwoordig onder de schrijvers, die om een of andere reden buiten de Duitsche grenzen leven, verschil van meening over de taak, die deze ‘emigrantenlitteratuur’ behoort te vervullen. Deze controverse hangt ten nauwste samen met het karakter der emigratie in het algemeen; zij is gedeeltelijk een gevolg van de opvattingen over het ‘bloed’, die in het huidige Duitschland worden gehuldigd; er zijn dus onder de emigranten ook auteurs, die uitsluitend omdat zij ‘niet-Ariërs’ zijn, in het buitenland moeten wonen. Voor hen behoeft uiteraard de ballingschap, die hun is opgedrongen geen verandering van inzichten mee te brengen. Daarnaast bestaat een strooming, die in de emigratie meer ziet dan een toevalige ‘Schickalsgemeinschaft’ en van meening is, dat het emigrant-zijn een nieuwe oriënteering ten opzichte van de Duitsche en de Europeesche cultuur behoort te beteekenen.

Het leek mij van eenig belang, de opinie van Leonhard Frank over deze controverse te vernemen. In het onderhoud, dat Frank mij dezer dagen toestond, heb ik hem daarom de vraag gesteld, welke toekomstmogelijkheden er volgens hem voor de ‘emigrantenlitteratuur’ bestaan. Frank leidde zijn antwoord in met een mededeeling, die men min of meer als symbolisch voor zijn standpunt kan beschouwen: hij werkt aan een roman, die tot thema een zuiver individueel probleem heeft, n.l. de verhouding tusschen twee geesteszieken in een krankzinnigengesticht. De titel van dit boek zal waarschijnlijk zijn ‘Traumgefährten.’

‘Men kan,’ aldus Leonhard Frank, ‘ten zeerste geboeid zijn door de dingen, die thans in Duitschland geschieden, en zich toch (of misschien juist daarom) in een roman, dien men schrijft, vrijhouden van alle directe beinvloeding dóór die gebeurtenissen. Natuurlijk zal zulk een roman toch in zijn thema's den tijd, waarin de schrijver leeft, verraden, maar dan in gesublimeerden vorm.

Daar komt echter nog iets bij. Wanneer er in Duitschland werkelijk een revolutie had plaats gehad, op grond van een werkelijke ideologie, dan zou de schrijver zich genoodzaakt hebben gezien ook werkelijk partij te kiezen pro of contra. Een dergelijke verandering is er echter niet geweest; onder andere vlag is hetzelfde schip blijven varen. Dat maakt het voor mij en anderen onmogelijk, in de emigratie als zoodanig een herijking van geestelijke waarden te zien. Wij kunnen niet anders doen dan voortgaan met wat wij in Duitschland begonnen zijn, d.w.z. ons in de ballingschap terugtrekken op de algemeenmenschelijke problemen, die in den romanvorm tot uiting komen.’

- Dus resignatie?

‘Geenszins. Het actueele houdt mij voortdurend bezig. Maar men kan het nationaal-socialisme niet bestrijden met woorden, omdat het geen reëele ideologie heeft! En zeker niet met den roman; ik kan geen brochures schrijven, anders zou ik dàt tenminste kunnen doen; want den roman kan men voor de polemiek niet gebruiken, omdat hij tot een ander gebied behoort. Zoodra de tendens in een roman voelbaar wordt, verliest de roman als kunstwerk aan effect. De gebeurtenissen van den laatsten tijd houden mij zoo sterk bezig, dat ik zelf onvermijdelijk in die fout zou vervallen.

Ik reken mijn “polemische” boeken (“Die Ursache”, “Der Bürger”) dan ook tot mijn minst geslaagde werken. Voor de overwinning van het nationaal-socialisme had ik een comédie willen schrijven, die het overnemen van de macht door de nazi's behandelt; maar toen de werkelijkheid kwam, heb ik daarvan afgezien.

Ik geloof niet aan “de massa”, die achter deze beweging staat; en daarom heb ik geen andere behoefte, dan voort te gaan met mijn werk, ook al voel ik, dat men door het loutere feit van het emigrant-zijn aan effect, aan gezag verliest. Met die treurige ervaring hebben wij helaas rekening te houden.’

Blijkens deze uitlatingen kan men Leonhard Frank dus beschouwen als een representant van die groep emigranten schrijvers, die zich door de emigratie niet genoopt voelen hun waarden te herzien. Voor hen is de practische gedragslijn dus eenvoudiger dan voor de andere groep: men gaat verder. Men behoeft, dit standpunt niet te deelen (als men zich mijn artikel over ‘Het Emigrantencomplex’ herinnert, zal men weten, dat ik het niet deel) om het in de gegeven omstandigheden te kunnen begrijpen. Dat het in ieder geval geen stilstand beteekent, ligt voor de hand; Frank heeft mij in het verloop van ons gesprek nog het een en ander meegedeeld over zijn plannen; hij is o.a. in onderhandeling over de opvoering in Nederland van zijn tooneelstuk ‘Karl und Anna.’

M.t.B.