Menno ter Braak
aan
H. Marsman

Rotterdam, 2 februari 1933

R'dam, 2 Feb. '33

 

B.H.

Ik wil je even schrijven, dat ik gisteren in ‘De Bijenkorf’ Jef Last heb hooren converseeren over Sovjet-Rusland, en dat daardoor mijn waardeering voor je stuk nog verdubbeld is. Je hebt hem precies gekraakt, waar het noodig was; alleen was het nog veel erger, karakterloozer, ijdeler, romantischer, dan ik had durven verwachten. Hij genoot van het relaas van diners, rendez-vous met beroemde auteurs etc. etc. een misselijke vertooning, die ik in den pauze verlaten heb, tot ongenoegen van Huyts en Otten, naar het scheen. - Je stuk was trouwens als geheel een voortreffelijke polemiek, verontwaardigd en toch volkomen intellectueel verantwoord. Schrijf vooral meer voor ons van zulke dingen!! En heb je niet nog poëzie?

Ja, jammer, dat het nu weer misliep met de afspraak, maar hoop op beter. Wil Rien nog presentboekjes van mij hebben? Ik kan ze ev. sturen.

Schrijf mij ook eens volkomen openhartig je oordeel over het vervolg van ‘Dumay’. - Het ‘conflict’ met Eddy laat ik maar weer rusten; hij lijkt me werkelijk niet heelemaal vrij van overspanning door die ellendige erverij, ziet overal ‘frondes’ tegen hem.

Laat ons vooral ‘stick together’ tegen de ‘klooterij’ à la Last!

Hart. gr. voor jullie beiden,

je Menno

 

Origineel: Den Haag, Koninklijke Bibliotheek

vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie