Menno ter Braak
aan
D.A.M. Binnendijk [Zutphen]

Eibergen, 13 januari 1926

Eibergen, 13. I. 26

 

‘Als gewoonlijk strikt persoonlijk’ (Goethe aan Eckermann)

 

Mon cher!

Ik ben terug uit Parijs, ontzind nog, verwonderd dat de eibergsche kerk niet op de Place de l’Etoile staat. Voorzeker was ik eenige uren in Zutfen overgebleven, wanneer niet een bepaalde organisatie van treinenloop het me mogelijk had gemaakt drie kwartier in Neede door te brengen. Enfin, je begrijpt... Daaraan had ik, ook na Parijs, sterk behoefte. Dus waarschijnlijk zien we elkaar in Amsterdam spoedig terug. - Vanmiddag hoop ik naar Neede te kunnen eclipseeren. Waren we maar niet in deze onzalige streken, waar iedere stap je gebondenheid oplegt.

Hierbij de ‘Antithesen’, die ik met gelijke post aan Marsman zend. Wil je ze nog voor de V.Bl. gebruiken? Na de stof, die de thesen opwierpen, kan het misschien nog, mits in het Februarinummer. Zelf vind ik ze vrij goed, vooral omdat ze kort zijn. De titel, die ik al lang, onafhankelijk van Müller Lehning had bedacht, kan, indien gewenscht, wel veranderd worden, hoewel dit het meest rationeel is. Is van ‘Erts’ de tweede druk uit? Ik maak het op uit het exemplaar, dat Dijkstra thuis vond liggen (eindelijk) en dat het merk ‘tweede druk’ draagt. Of is dit weer een stommiteit van den genoemden S.L. jr., die o.a. Wim hier vervolgt met onhebbelijke briefkaarten om zijn abonnementsgeld V.Bl. te voldoen, terwijl hij nooit abonné geweest is! Het is kras. Nijhoff in de N.R.Ct. heeft hem goddank even ‘genoemd’.

Nu Parijs. We kunnen daarover beter mondeling αὐ ουρεν. Je kreeg mijn briefkaart zeker? Tot meer was ik niet in staat. We waren voortdurend mobiel en hebben ontzettend veel ‘gedaan’, zelfs het Louvre, dat ik horribel vind qua museum. St. Chapelle is ongeloofelijk, evenals het nachtelijk gezicht van Sacré Coeur. (We beklommen ook de Arc de Triomphe.) Rients was een uitstekende gids, die ook op de hoogte bleek van goedkoope en goede eethuizen, zoodat we niet van honger omkwamen. Een nachtkroeg kostte ons het laatste geld, zoodat we nauwelijks de hôtelrekening konden betalen. Maar het was onvergetelijk. -

Je voorspellingen omtrent Netty werden bevestigd. Zij is in een critieke overgangstoestand. Te vroeg verloofd, te vroeg getrouwd..., de rest laat zich denken. Gelukkig merkte ik pas den laatsten dag in Amsterdam, dat het surplus aan amour eenigszins naar mij uitging. Nieuwe conflicten wachten me dus weer in Amsterdam. G.v.d., hoe lang nog zullen wij onder dit teeken leven, Heer? - Rients leerde ik gedurende deze dagen meer en meer kennen als de voortreffelijke journalist, met het oordeel van anderen. Voor vijf dagen is dat wel aanvaardbaar, maar toch krijg je het gevoel, dat je voortdurend iemand je eigen gedachten opdringt. Een volgende maal gaan we dus samen, tenzij ik met Jo ga, wat onwaarschijnlijk is. Ik verheug me daarop zeer! - We zagen veel interessant tooneel, een heerlijk stuk o.a. van Marcel Achard, ‘La femme silencieuse’, subliem gespeeld.

De dagen in Zutfen zijn nu eenigszins verduisterd door de Parijsche, maar daarom niet vergeten. Het was allergezelligst en bovendien vruchtbaar. De combinatie deugde blijkbaar wel.

Hoe gaat het jou met de vier of vijf E’s?? Houd je goed, een poot van je

Menno

 

Groet ouders van me en dank hen nog voor hun gastvrijheid!

 

Origineel: Den Haag, Letterkundig Museum

vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie