D.A.M. Binnendijk
aan
Menno ter Braak (Eibergen)

Zutphen, 5 april 1926

Z: 5/IV/'26

 

Beste Menno -

Je hebt verdomd lang gewacht met een levenskreet. Ik had gehoopt nog in A. iets van je te zullen hooren. Ik zat zoo verschrikkelijk eenzaam 's avonds. Had in dien tijd nog allerlei moeilijkheden, die ik ternauwernood de baas kon worden: die dagen met Henny hadden me finaal uitgeput, zoodat er van manlijke weerstand bijna geen sprake meer was.. Enfin - alles is tenslotte geleden; de conflicten bleken oplosbaar, zooals vrijwel alle.

Maar hoe staat het met jou en je vrouwen. Ik weet van niets. En kan onmogelijk bij jullie komen logeeren: voor Dinsdag heb ik een afspraak met mijn neef om mee te gaan naar Hilversum, Woensdag komt mijn kleermaker uit Leiden om een pak aan te meten; en verder zou die logeerpartij, juist door het prettige, te veel tijd kosten die mijn werk te stade zou moeten komen. Kan jij nu niet Maandag in A. terugkeeren en Zaterdag hier komen; dan reizen we samen verder (ik ga nl. ook as. Md.). Of als je per se Ztd. in A. moet zijn (Waarom? Pop?) kom dan Vrijdagochtend hier. Want - ik biecht - voor de reiskosten naar Eibergen bezit ik geen geld en op deze manier zijn er voor jou geen extra finantiën noodig.

Als je iets van mijn gading uit de leesportefeuille kunt scholven - graag!

Inderdaad: De Vr. Bl. No III zijn, vanwege de rangschikking der bijdragen, in alle opzichten pijnlijk en ‘conservatief’. Beter: achterlijk. Maar wel goed, m.i.

Ik schreef (n.b.) een vers.

Ik verlang er erg naar eens grondig met je te praten. Sla dus mijn voorstel niet af. En schrijf even hóe je het doet: Vrijdag of Ztd.

Je vergat mij nog ‘Trijntje Cornelis’ mee te geven. Bréal kreeg ik ook niet. Om op te schieten! Werk jij veel of zit je tusschen Neede en Eibergen het leven te bestudeeren?

Hou je taai. Groet je familie.

Poot van

je Dirk

 

Origineel: Den Haag, Letterkundig Museum

vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie