D.A.M. Binnendijk
aan
Menno ter Braak [Eibergen]

Zutpen, 23 december 1926

Zutfen: 23/12/26

 

Beste Menno.

Wat heeft God met ons voor? Marteling na marteling. Wàt overkomt mij, nu ik in rust en veiligheid mij op mezelf heb teruggetrokken in dit eenzaam oord, nu ik gehoopt had te kunnen werken zonder vooruitzichten op rendez-vous' die steeds afleiden en enerveeren?...

Een brief van Emmy. Of er voor de Kerstdagen voor haar en Willem plaats is als logé's van de Soleil, officieel vermomd als het echtpaar Pijper! Een opgetogen brief, blij dat ze er eens uit kan; blij om die dagen - hoe dan ook - bij mij te zijn, vol dringend vragen of ik het wel prettig vind. Het is n.b. op voorstel van Wim, dat ze hierheen komen en niet ergens anders. Opzet? Pesterij? Of vriendschappelijke toenadering, waar hij, volgens E. steeds op gesteld is?

Toch, je snapt het, ben ik heimelijk in mijn binnenste verrekt [-] nerveus, en in de war. Ik schreef, om allereerst Emmy niet te desilluzioneeren, een hoera-brief. Maandag zullen ze wel weer weg gaan. Dan kom ik bij je.

Ik wou graag de 30e hier zijn, om te naaien. Dan logeert hier n.l. Corry Roosendaal, die actrice waar Eduard zijn hart aan opgehaald heeft onlangs. Nu is hij verloofd, maar hij vergist zich nog al eens: zoo iets moet wennen! Intusschen: ik zal dan toch de 30e maar blijven voor het feest; tenzij ik werkelijk heel erg noodig naar het spermatoire moet.

Het kerstno Gemeenschap stuurden ze me toe. Viel me niet mee. Waar staan die ‘Kinderen’ van Charlie Toorop? Niets gevonden van haar. Vers van Jet wel goed, vergeleken bij haar laatste werk, maar toch wat al te formeel van maaksel. Ja: Wiegersma is prachtig!

Het beste met je grafelijke knieën! [-] benieuwd!

Groeten van h.t.h.

[-] van

je Dirk

 

Origineel: Den Haag, Letterkundig Museum

vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie