Nijgh & Van Ditmar N.V.
aan
Menno ter Braak (Den Haag)

Rotterdam, 5 november 1935

5 November 1935.

 

Den weledelzeergeleerden Heer

Dr. Menno ter Braak

Pomonaplein 22

Den Haag.

 

Beste ter Braak,

Je brief nog eens overlezende krijg ik de indruk dat het nog kan zijn, dat je mij geheel verkeerd begrepen hebt, omdat je spreekt van niets meer op te nemen van Else Böhler. Ik heb een hekel aan welk misverstand ook en vat het dus eenvoudig zoo samen:

In geen geval was het mijn bedoeling dat, indien Virginia in het Novembernummer geplaatst zou worden, van Else Böhler niets meer zou verschijnen. Indien je echter Virginia uigesteld had tot het Decembernummer zou je daarmee twee dingen bereikt hebben, nl. in het Novembernummer 16 pagina's meer van Else Böhler, hetgeen in verband met de publicatie van de roman wenschelijker was geweest, daar nu door het plaatsen van Virginia de lezers 16 pagina's Else Böhler minder te lezen krijgen.

Ik geloof dat er thans met geen mogelijkheid nog een misverstand kan bestaan omtrent mijn bedoeling en verblijf,

met beste groet,

D. Zijlstra

 

Origineel: Den Haag, Letterkundig Museum

vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie